Inleiding | Problemen | Plan: een duurzame universiteit | Projectontwikkeling | Natuurontwikkeling | Kringloop van groen afval | Haalbaarheid | Overzicht van gerealiseerde onderdelen

Voorbeeldplan voor de TU-wijk in Delft

Ontwikkeling van een visie op de TU-wijk | april 1991

Inleiding

Bijna alle gebouwen van de Technische Universiteit Delft bevinden zIch in de Wippolder, gelegen ten zuiden van Delfts' oude binnenstad.

De Wippolder, deel van de Zuidpolder van Delfgauw, wordt aan de oostkant begrensd door de rijksweg A-13, aan de westkant door de Delftse Schie en aan de zuidkant door de Karitaat molensloot. De wijk wordt in oost-westrichting doorsneden door de Kruithuisweg.

In de Wippolder bevindt zich 28% van de Delftse werkgelegenheid, ongeveer 10.500 arbeidsplaatsen. Iets minder dan de helft daarvan heeft betrekking op de TU Delft, waarbij bovendien ongeveer 13000 studenten zijn ingeschreven; het is Nederlands enige technische universiteit met alle technisch-wetenschappelijke studierichtingen. Behalve de TU Delft bevinden zich in de Wippolder ook de hoofdvestiging van TNO, het Rijkswegenlaboratorium van Rijkswaterstaat, het Waterloopkundig laboratorium en het Van Leeuwenhoek Instituut van de Hogeschool Rotterdam. In de zone tussen de Rotterdamseweg en de Delftse Schie bevinden zich diverse groothandels en industriële bedrijven.

Het openbaar vervoer bedient de wijk met enkele stads- en regionale buslijnen. De spoorwegen zijn via de NS-stations Delft-centraal èn Delft-zuid in 10 à 15 minuten wandelend te bereiken. Delft beschikt over een gerenommeerd fietspadennet, waarlangs de wijk goed te bereiken is.

Niettemin levert Delft een forse bijdrage aan het mobiliteitsprobleem. Van de 34.900 werkenden die in de gemeente Delft wonen werkten er in 1989 15.400 buiten de stad. In Delft werken 18.100 personen die elders woonden.

In 1996 was de werkende beroepsbevolking gegroeid naar 43.015 personen. De uitgaande pendel was toen al gegroeid naar 21.265 personen; de inkomende pendel was gedaald naar 16.952 personen.

Het is ons niet bekend of dit patroon voor de TU-medewerkers anders is, maar het is aannemelijk dat daar de verhoudingen nog ongunstiger liggen.

In de TU-wijk zijn op enkele plaatsen natuurwaarden aanwezig. In de hortus van de TUD en op de begraafplaats Jaffa bevindt zich een grote broedvogelpopulatie, met o.a. Holenduif en Grote bonte specht. De hortus kent aan de zuidkant ook een belangrijke stinzenplantenbegroeiing. De bermen aan de Fokkerweg en de Thijsseweg zijn tamelijk schraal, met daarbij behorende soorten als Kamgras en Veldgerst. Op een aantal plaatsen groeien uitbundig Margriet, Gewone brunel en Bermooievaarsbek, maar ook zeldzaamheden als Gewone veldsla, Wilde bertram en Waterpunge komen in de wijk voor. Er bevinden zich in de wijk vijf poelen, waarvan enkele een bescheiden amfibieënpopulatie hebben. Op muurtjes bij het gebouw voor Scheikunde komen verschillende varens voor (Eikvaren, Muurvaren, Wijfjesvaren).

De afstand van de Wippolder tot de ecologische hoofdstructuur van ons land is betrekkelijk gering: Midden-Delfland en de Ackerdijkse Plassen bevinden zich op nauwelijks een km afstand. De afstand tot de Delftse Hout is al even klein. De A-13 vormt evenwel een fikse ecologische barrière.

Problemen

Plan: een duurzame universiteit

Voor een voorstel voor het ontwikkelen van een duurzame TU Delft zijn vele argumenten aan te voeren.

De belangrijkste overweging is dat een instelling als de TU Delft, waar op grote schaal onderzoek wordt gedaan en onderwijs wordt gegeven op het gebied van maatschappelijke toepassing van wetenschap, bij uitstek. de uitdaging moet ervaren het goede voorbeeld te geven. Daarmee kan de TUD een belangrijke bijdrage leveren aan het doorbreken van de verlamming, die de maatschappij beklemt als het gaat om de maatregelen ook daadwerkelijk te nemen die leiden tot het terugbrengen van de milieubelasting tot het peil van de duurzaamheid.

Een wezenlijk element in dit plan is de inzet van onderwijs en onderzoek van de universiteit zelf. Daar zitten vele kanten aan.

Met deze inzet kan o.a. bereikt worden dat het beheer van de universiteit gevoed wordt met de resultaten van eigen onderzoek en onderwijs. Dat bewerkstelligt naar verwachting een grotere betrokkenheid bij studenten en medewerkers bij het reilen en zeilen van de universiteit in het algemeen en bij het beheer van de gebouwen en terreinen in het bijzonder.

De beoogde voorbeeldwerking heeft verschillende aspecten:

Projectontwikkeling

In eerste instantie ligt het accent op onderzoek en onderwijs. Dit zal de vorm aannemen van (deel)projectgroepen van studenten en medewerkers (bij sommige projecten te recruteren uit verschillende faculteiten of mogelijk ook andere universiteiten), afstudeeronderwerpen e.a.

In een volgende fase moet het project op bestuurlijk niveau aan de orde gesteld worden, in eerste instantie bij het bestuur van de universiteit. Daarnaast is er wellicht nog een rol voor de overheden (gemeente Delft, hoogheemraadschap van Delfland, provincie Zuid-Holland).

deelprojecten:

Het hoofdproject moet in een aantal deelprojecten gesplitst worden om de onderzoeksonderwerpen hanteerbaar te maken. Deze onderwerpen zijn:

integraal waterbeheer

  • hydrologie van de wijk (o.a. doorvoer van oppervlaktewater uit de Zuidpolder van Delfgauw naar Delflands boezem; onderzoek van mogelijkheden om het inkomende water te filteren)
  • polderpeil
  • het aspect berging in samenhang met aanleg van poelen; terugdringen van het verharde oppervlak
  • inventarisatie kwaliteit (water)bodems en grondwater; grondwaterpeil
  • actief ecologisch herstel van oppervlaktewater
  • marges voor natuur (oeverconstructies, onderhoudsmethoden).

afvalwater

  • riolering; onderzoeken aanleg verbeterd gescheiden systeem
  • verminderen overstorten en rwi-effluent.

openbare ruimte

  • verbetering fysisch verblijfsklimaat
  • kringlopen ruimtelijk vormgeven
  • mogelijkheden voor natuurontwikkeling; de TU-wijk (gebouwen, bodem, water) als substraat voor natuur; structuur voor registratie/monitoring van natuurwaarden; beheer van bermen en oevers
  • zwerfvuilprobleem.

verkeer en vervoer

  • openbaar vervoer (tramlijn Scheveningen-Delft-Pijnacker-Zoetermeer); bedrijfsvervoer; dienstfietsen; wegen- en parkeerplan
  • terugdringen woonforensisme

gebouwen; energie

  • afval in gebouwen (kantoren, laboratoria, werkplaatsen)
  • voorkoming van afval
  • gescheiden inzameling
  • recycling van groenafval, papier, plastic
  • watergebruik; energieverbruik van gebouwen; schoonmaakdiensten beheersvstemen binnenklimaat; gedragsbeïnvloeding.

Op verschillende faculteiten vinden onderwijs- en onderzoekprojecten plaats die in dit voorstel kunnen worden ondergebracht. Voorbeelden zijn:

Natuurontwikkeling

Vooruitlopend op de onderzoeksresultaten schetsen wij hier in het kort de ruimtelijke gevolgen van onze voorstellen voor natuurontwikkeling. Natuurontwikkeling is in dit plan het middel dat wordt ingezet om de kwaliteit (m.n. het fysische klimaat en de belevingswaarde) van de wijk te verbeteren.

Natuurbouw en natuurbeheer

Kringloop van groen afval

Door de TU-dienst Tuinen en Bestratingen wordt in de wijk een composteringsinrichting opgezet, in eerste instantie voor het maaisel en snoeisel van de eigen dienst, maar ook voor het tuin-, groente- en fruitafval van de wijk zelf. Deze compost wordt onder tegen een geringe vergoeding aan de TU-medewerkers aangeboden. Hiervan gaat op de medewerkers een stimulerende invloed uit wat betreft het omgaan met afval, terwijl tevens het gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen door de burgers aan de orde wordt gesteld.

Haalbaarheid

Er zijn verschillende omstandigheden die er op duiden dat het hierboven geschetste plan haalbaar is: We noemen:


IND, april 1991, iets aangepast op 14-01-2000

In de jaren '90 zijn diverse, zij het kleine, stappen gezet ter verwezenlijking van dit plan (zie TUwijkpojecten). Zij waren het resultaat van het werk van de "adviesgroep terreinbeheer" waarin de diensten Arbo en milieu, Vastgoed en de vakgroep Ecologie van de TUD en de Initiatiefgroep Natuurbeheer in Delft samenwerken. Sinds 1997 is in deze vruchtbare samenwerking de klad gekomen, omdat het dagelijks bestuur van de TUD in een impasse verzeild raakte m.b.t. de visie op het TU-gebied. Impasses zijn er om een eind aan te maken.

netplek Initiatiefgroep Natuurbeheer in Delft | ind@datadelft.com