Nieuwsbrief no. 39

juli-december 2004

x


Greep uit de inhoud:

x


Initiatiefgroep Natuurbeheer in Delft

samenwerking van Commissie Natuur en Milieu, Imkervereniging, IVN, Milieudefensie, Milieukompas, Natuurwacht, Vogelwacht en Werkgroep Groenbeheer Nootdorp
e-mail ind@datadelft.com

A. Gemeente Delft | B. Hoogheemraadschap van Delfland; waterhuishouding | C. Planologie, streekzaken | Losse berichten

A. Gemeente Delft

[A4] Wallertuin

De mededeling dat de eigenaar van de Wallertuin, nu een ruig gebiedje van 2 ha, een plan had laten maken voor een "nette" tuin en daarom een kapvergunning aanvroeg voor het kappen veel oudere bomen, zorgde voor heel wat commotie, bij natuurverenigingen en ook bij vele burgers. Onze opvatting is dat de volstrekte afwezigheid van beheer in de Wallertuin het inderdaad een heel bijzonder gebiedje heeft gemaakt, maar dat het tegelijkertijd onzinnig is te ontkennen dat een "wilde" enclave van deze omvang en dan nog in stedelijk gebied, een heel beperkt ecosysteem is waar nu degradatie om zich heen grijpt. Alleen al door het ontbreken van grazers of grotere roofdieren, en vooral ook door alleen maar aanvoer en geen afvoer van nutriënten (via bijvoorbeeld maaien en snoeien), gaat de vegetatiestructuur over in oninteressante ruigten met tamelijk schamele soortenrijkdom. In plaats van de toestand te idealiseren is er o.i. alle reden om te proberen mét de eigenaar een oplossing te zoeken die tot verhoging van de natuurwaarden en toch ook - dat is iets wat de eigenaar niet ontzegd kan worden - gelegenheid biedt tot beleving van het gebied als particuliere tuin. Meer ...

[A14] Aanpak van oevers

Na de magere opbrengst aan nieuwe natuurvriendelijke oevers in 2004 (alleen de TNO-strook en een beperkte lengte aan de Maria Duystlaan) zijn we voor 2005 hoopvol gestemd. De gemeentelijke werkgroep heeft vooral voor Tanthof West een veelomvattend en ambitieus plan gemaakt, dat bovendien goed past in het van de boezem min of meer losgekoppelde watersysteem dat voor de wijk sinds 2001 in uitvoering is. Voor de volgende stroken zijn natuurvriendelijke oevers van verschillende typen (nl. afhankelijk van de beschikbare breedte en de keuze voor al of niet een plasberm) uitgewerkt en worden in 2005 gerealiseerd:

  • Traject Comorensingel tussen Afrikalaan en Zambezielaan
  • Traject Comorensingel tussen Zambezielaan en Tanthofkade
  • Locatie hoek Tanthofkade
  • Traject Sowetostraat - Lesothostraat
  • Traject Lesothostraat - Namibiëstraat
  • Locatie bocht Tanthofkade richting Tibetstraat
  • Traject watergang gelegen aan de noordoostzijde van de trambaan
  • Bocht bij Srilankapad

Daarnaast zijn er nog oeveraanpassingen te verwachten aan o.a. Polderpad (bij Den Hoorn) en Wilgenlaan (bomenwijk).

Onderhoud. Hoewel het onderhoudsplan deel behoort uit te maken van het ontwerp, is de uitvoering van aangepast onderhoud op locaties waar de herinrichting al gebeurd is, nog steeds een knelpunt. De zone ter weerszijden van de waterlijn bij zulke oevers is voor de levensgemeenschap in het water en voor de vegetatieontwikkeling in en langs het water van groot belang, zeker ook in de winter. Het huidige beheer wordt nog te veel beheerst door alleen maar zorg voor traditionele netheid. M.a.w., het optimale beheer, waarbij stedelijke estetiek, opnemen en afvoeren van voedingsstoffen en bevorderen van soortenrijke levensgemeenschappen met elkaar in balans zijn, is nog lang niet bereikt.

terug naar begin

[A27] Technopolis

Het milieu-effectrapport en het voorontwerp bestemmingsplan voor Technopolis waren voor ons aanleiding voor een uitvoerige reactie. De bedenkingen waren dat aan de mogelijkheden van natuurvriendelijke oevers weliswaar enige, maar toch onvoldoende ruimte zou worden gegeven, en we voerden daar zowel natuurontwikkelings- als functionele milieu-argumenten (zie hier) voor aan. Ook de Commissie voor de MER ondersteunde onze kritiek wat dit betreft. De nota inspraak en overleg van november 2004 komt aan onze bedenkingen slechts tegemoet in de zin dat de genoemde 30% van de oevers als een ondergrens moet worden gezien, en daar nemen we voor dit moment dan maar even genoegen mee.

Op het sterker betrekken van de omgeving van de Karitaat Molensloot bij het plan wordt in het geheel niet ingegaan. We vertrouwen erop dat de Dienst Landelijk Gebied wel bij de gemeente zal aankloppen als het gaat om de afstemming van zijn plannen met die van Technopolis. De commissie voor de MER benadert de relatie met het buitengebied iets anders door te wijzen op de aantrekkelijkheid van een water-corridor door Technopolis n (noord-zuid) aan te leggen en daartoe tot instandhouding van de amfibieënpopulatie een reeks poelen aan aan toe te voegen. Deze suggestie wordt door de gemeente overgenomen.

[A28] TU-noord

Dat er bijna 2 jaar verstreken zijn sinds het ontwikkelingsplan Noordelijk TU-gebied in discussie kwam en dat er nu een nieuw ontwikkelingsplan ligt, geeft wel aan dat er zeer aan het plan gesleuteld moest worden. Een organisatie van bewoners in het gebied heeft zich daarbij ook duchtig geweerd (zie www.tunoord.nl) en blijft erop wijzen dat door de intensivering in het gebied zelf en nieuwe omstandigheden als Emerald en het doortrekken van de tramlijn naar de TU-wijk, de drukte in het gebied zal toenemen en de omgevingskwaliteit (lucht (fijn stof), geluid) op sommige plaatsen navenant zal afnemen.

Aanduiding van het plangebied en schets van de ecologische structuur.

Wat de ecologie betreft ziet het plan af van een ecologische verbinding via het Poortlandplein tussen het gebied ten zuiden van het TU-hoofdgebouw (Jaffa, Schoemakerstraat-bermen) en het complex van De Vries van Heystplantsoen en de botanische tuin. Men kiest in de nieuwe tekst voor de omweg via de Michiel de Ruyterweg. Doordat de Michiel de Ruijterweg ten zuiden van het Mijnbouwplein rustiger wordt, zijn daar ook goede mogelijkheden voor. In onze toenmalige reactie hadden we al gewezen op de onzinnigheid van de Poortlandplein-route, en zochten de weg door het midden van het oude hoofdgebouw, in de veronderstelling dat het middenstuk uit het gebouw zou verdwijnen.

Zie voor het vorige bericht over TU-noord in nieuwsbrief 36.

 terug naar begin

B. Waterhuishouding

[B2] Waterbeheersplan HH Delfland 2006-2009

Na de eerste raadplegingen in het voorjaar van 2005 n.a.v. de bouwstenennotitie kwam de voorbereiding van het nieuwe waterbeheersplan (2006-2009) van Delfland niet veel verder. Het te billijken idee achter de vertraging is dat er per 1-1-05 een nieuw bestuur aantreedt, en zo werd de voortgang beperkt tot een bespreking van een ambtelijk concept, geheten Realiseren en Intensiveren, Strategisch beleidsplan en uitvoeringsprogramma. Deze tekst is in vergelijking met het waterbeheersplan 1999-2003 bepaald minder ambitieus, maar dat zegt weer betrekkelijk weinig omdat de uitvoering van dat oude WBP vooral op het gebied van de kwaliteit van oppervlaktewater niet erg uit de verf kwam en het werk van het waterschap toch vooral gedomineerd werd door het plan ABCDelfland - in onze ogen te zeer alleen een kwantitatief plan - en het realiseren van de afvalwaterzuivering in de Harnaschpolder. Voordeel van de nieuwe tekst is dat het een poging doet om de doelstellingen die in 2009 gehaald moeten zijn, te omschrijven.

Als het WBP in de inspraak komt (februari-maart 2005) gaan we er uitgebreider op in. We stippen hier wel alvast één algemene overweging aan die in het strategisch beleidsplan meer nadruk zou moeten krijgen.

In de paragraaf over veiligheid ("de hoogste prioriteit") wordt opgemerkt dat de natuur grillig is, zeker wat het water betreft. In het plan vinden we onvoldoende terug dat robuuste, meer natuurlijke systemen met enige dynamiek, waarbij afstand wordt genomen van het rigide watersysteem dat zich pas de laatste tientallen jaren heeft ontwikkeld, niet alleen grote kansen bieden om aan die grilligheid enigermate het hoofd te bieden, maar dat zulke wateren, onvermijdelijk met brede oeverzones, tegelijkertijd de mogelijkheid bieden het waterkwaliteitsbeleid nu eens uit de impasse te halen. De rapportage Delfland-op-zn-breedst (meerjarig watersysteemonderzoek 1994-2002; zie hier voor de samenvatting en het bestand) laat zien hoe groot de sprong is die gemaakt moet worden naar de eisen van de Europese Kaderrichtlijn Water. We geven direct toe dat er bij waterschappen en zeker ook bij burgers, boeren, glastuinders en ontwerpers van stedelijk gebied weerstand is tegen dynamiek in de sloten en vaarten. Men denkt dat er een "recht" bestaat op de peilverstarring in de polders, maar dat starre peilbeheer is ongewenst en bovendien niet langer vol te houden door de veranderende neerslagpatronen. Het zal in deze verstarde en verharde regio niet makkelijk zijn weer dynamiek terug te krijgen, want voor flexibel peilbeheer zijn vooral ook flexibele geesten nodig!

[B10] ABCDelfland

In het overzicht van de projecten van ABCDelfland in 2005 over de projecten die samen wateroverlast moeten voorkomen, wordt merkwaardig genoeg niet ingegaan op de resultaten van een nadere analyse (dd. november 2004) van al deze projecten: een deel van die projecten schijnt niet nodig te zijn. Volgens een verslag van de Haagsche Courant (26-11-05) wordt gedacht aan het afblazen van sommige noodbergingen, en misschien ook het nieuwe gemaal voor de Vlotwatering. Het zijn vooral Westlandse projecten waarbij opvalt dat de grote calamiteitenberging in de Woudsepolder niet ter discussie is gesteld. Onder bepaalde voorwaarden konden wij die controversiële keuze voor een grote berging in die polder billijken (zie nieuwsbrief 33), maar nu allerlei kleinere projecten in het Westlandse sneuvelen, hebben we grote twijfels bij de keuze die nu wordt gemaakt. Het heeft er veel van weg dat de weg van de minste weerstand - een makkelijk verworven grasland - de voorkeur krijgt boven een meer fijnmazige aanpak die de berging en retentie in het wanstaltig verglaasde Westlandse gebied zou moeten verbeteren. De provincie schijnt ook verrast te zijn door deze wending.

terug naar begin

C. Planologie; streekzaken

[C6] Nota ruimte

In de week dat de Nota Ruimte in de Tweede Kamer wordt behandeld kunnen we het niet laten hier nog enige aandacht aan te besteden. Minister Dekker verdedigt zich in een een ingezonden artikel in Trouw (15 januari 2005) manhaftig tegen het verwijt dat het geven van meer bevoegdheden aan provincies en gemeenten tot het vogelvrij verklaren van het landelijk gebied leidt - in onze ogen het op het zadel tillen van de projectontwikkelaars. Ook gebieden die vanuit een oogpunt van bodem- en waterbeheer beter niet intensiever gebruikt kunnen worden, kleurt de minister immers vrolijk rood in. Maar ze heeft ontegenzeggelijk ook wat geleerd. Ze heeft het taboe van de hypotheekrenteaftrek ter discussie gesteld, tot afschuw van CDA en VVD, en ziet ook in dat er veel meer gebouwd moet worden voor starters. Want "doorstromen" gebeurt gewoonweg niet, want waarom zouden mensen die minder aan wonen uitgeven dan woningexploitanten graag zouden zien, in vredesnaam gaan verhuizen? "Scheefwoners" heten zulke burgers, waarbij gemakshalve vergeten wordt dat het scheve vooral het type woningen betreft dat gebouwd wordt, het "scheve bouwen" dus.

Groot kritiekpunt blijft verder dat de regering dan wel mag beweren dat de economie nu een belangrijke doelstelling van ruimtelijk beleid is geworden, maar dat is al te simpel gedacht. Door een blik nieuwe bedrijventerreinen open te trekken wordt de economie allerminst gestimuleerd, zo simpel werkt het niet, daarvoor is eerder investeren in onderwijs en innovatie nodig. Prof Derksen, directeur van het ruimtelijk planbureau, merkt in hetzelfde nummer van Trouw bijvoorbeeld op dat er - door de relatief lage grondprijzen - te veel eengezinswoningen en te grote bedrijventerreinen worden gebouwd. En nog een andere professor, Leo van den Berg (Erasmus Universiteit), maakt zich in een provinciale nieuwsbrief over bedrijventerreinen (DECOR) zorgen over de manier waarop met de schaarste wordt omgaan: "Er wordt door verschillende regio's inefficiënt omgegaan met schaarse ruimte. Elke gemeente wil graag zijn eigen bedrijventerrein. Er wordt niet afgestemd, zodat gemeenten vaak het laatste stukje groen nog volbouwen."

Meer bedrijventerreinen zijn dan dus geen economische stimulans, maar slechts verspilling. Als het dan ook nog eens het verpesten van de fraaie, tamelijk "lege" landschappelijke eenheid van de Hoekse Waard is, dan is de verspilling nog veel groter. Een schrale troost dat Tweede Kamer het ruimtebeslag tot de helft (150 ha) wil beperken, maar als Rotterdam eenmaal de Oude Maas is overgestoken, is er na enige tijd natuurlijk geen houden meer aan.

terug naar begin

[C7] Planologie rond Pijnacker

Ruyven-Zuid. Ook in de het geval Ruyven-Zuid, waarvoor de provincie, stadsgewest en de gemeenten Den Haag en Pijnacker-Nootdorp een convenant in elkaar zetten om een autosloperij (Pametex/Van Dalen) vanuit de Haagse Binckhorst naar een plek buiten de rode contour en bovendien ín de Groenblauwe Slinger (een project waar we veel te weinig van vernemen overigens) te plaatsen, haalde de provincie bakzeil, maar hier was het toch meer het gemeentebestuur van Pijnacker-Nootdorp dat op de blaren zit. Zij liet zich door nimby-gedrag van bewoners in de ruime omgeving van de Grote Driehoek verleiden om die plek, die al lang in stadsgewestelijke en provinciale plannen voor zulke bestemmingen is aangewezen, af te wijzen en - dat zul je altijd zien - een beschermd stuk groen in de plaast daarvoor aan te bieden. Er werd in het convenant weliswaar in compensatie voorzien die de pil moest vergulden, maar m.n. het verzet van de bewoners van de Zuideindseweg en ook wel van Emerald bewoog de gemeenteraad van Pijnacker-Nootdorp het convenant neer te sabelen. Zie hier voor meer.

Waterplan Pijnacker-Nootdorp. De eerste klankbordbijeenkomst, waarvoor de gemeente Pijnacker-Nootdorp ons uitnodigde, verliep in onze ogen dermate ongestructureerd en zo weinig op basis van waterkundige feiten, dat wij van deelname aan de 2e bijeenkomst hebben afgezien. Wij blijven vanzelfsprekend in een waterplan voor zo'n groot gebied zeer geïnteresseerd, maar enige wetenschappelijkheid in de voorbereiding kan geen kwaad. Met roept-u-maar zittingen wordt het echt niks met dit plan.

Het Project Integrale Toekomstvisie (PIT, http://www.2mbweb.nl/pitweb) van de gemeente Pijnacker-Nootdorp staat voor de komende tijd op de agenda. De gemeente wil doorgroeien naar 55.000 inwoners, en vervalt in de fout die ook al in de jaren '90 het beleid van de gemeente ontsierde. Bouwen voor andere en grotere gemeenten, en daarmee de kans verkwanselend tot in de verre toekomst een rol te spelen die werkelijk onderscheidend is in een verstedelijkt gebied. Algemeen neemt men aan - het behoort ook tot onze stokpaardjes - dat bestuurders van gemeenten willen dat in hun gemeente het inwonertal en het bebouwd gebied toeneemt om aan invloed te winnen en vooral om een benarde gemeentebegroting met grondexploitaties uit de rode cijfers te helpen. Bouwen voor mensen die echt een betaalbare woning nodig hebben, de starters, speelt nooit een rol. In Pijnacker-Nootdorp heeft men het echter gepresteerd door onhandig manoeuvreren de gemeentebegroting er juist mee in de problemen te brengen. En zo - het lijkt Napoleon wel die die problemen van de vorige oorlog altijd wilde oplossen met een nieuwe - werpt men zich in Pijnacker-Nootdorp op een nieuwe groeistuip. Wij vinden dat dat maar beter niet kan gebeuren, en zien in bestaande plannen als het Regionaal Structuurplan Haaglanden en het streekplan Zuid-Holland West bruikbare kapstokken om de plannen onderuit te halen.

Schets van de situatie in 2004

Schets van het PIT voor 2005. Enkele opvallende verschuivingen zijn met een pijl aangegeven. 1. Glastuinbouw in de groene ruimte ten noorden van de N470, 2. Verdwijnen glastuinbouw bij de Dwarskade, 3. Verdwijnen glas aan de oostkant van de Overgauwseweg, 4. Uitbreiding van bedrijventerrein Ruyven naar het zuiden.

terug naar begin

[C9] Startnotitie MER Rijksweg A4

De koele reactie op onze inspraakreactie op de startnotitie voor de mer, die de projectorganisatie ons toezond, bevatte geen nieuws. Bevestigd wordt bovendien dat wezenlijke vragen, zoals het oplossen van een verkeers- en vervoersvraag met andere middelen dan wegen, niet in het mer zullen worden onderzocht.

De opmerking dat het milieueffectrapport wellicht onvoldoende onbevangen zou worden benaderd, zoals wij bevreesd stelden, moeten wij intussen wellicht terugnemen. Via de Haagsche Courant lekten onderzoeken uit, waaruit blijkt dat de verkeers- en milieuproblemen met de verlenging van de A4 door Midden-Delfland helemaal niet opgelost worden. Zie hier voor een overzicht van deze berichten. We moeten natuurlijk nog afwachten hoe de minister met deze inzichten omgaat,; wij wensen haar de wijsheid toe om op basis van de argumenten die het onderzoek naar de alternatieven heeft geleverd, een elegante aftocht te blazen.

[C16] Beleidsplan milieu en water: Tussenbalans 2004

In de Tussenbalans 2004 geeft de provincie een overzicht van de uitvoering van het Beleidsplan Milieu en Water (BMW). Het gebeurt aan de hand van de zes thema's Vitaal stedelijk gebied,, Bedrijvig Zuid-Holland, Mobiliteit en omgevingskwaliteit, Milieu en water in het landelijk gebied en Grote wateren.

We maken slechts een paar kanttekeningen. De uitwerking van de beleidslijn om zuinig om te springen met de schaarse ruimte nemen wij met een korrel zout. Het stimuleren van binnenstedelijke locaties en de duurzame herstructurering van verouderde bedrijventerreinen voldoen zeker aan het criterium van zuinigheid, maar het eeuwige gezeur om meer ruimte voor glas (bijvoorbeeld in de Zuidplaspolder) en het najagen van een nieuwe grote bedrijvenlocatie (300 ha) in de Hoekse Waard, staan daar in onze ogen haaks op. Waar blijven trouwens de verkenningen naar glas op bedrijven, in plaats van steeds ten koste te gaan van "schaarse" open ruimte? Over de omstreden uitbreiding van Gouda in de Zuidplaspolder bevat deze Tussenbalans nog een forse reprimande voor de geduputeerden: "Door zeespiegelstijging, verandering van neerslagpatroon en bodemdaling neemt het gevaar op overstromingen en grondwateroverlast toe. Tegelijkertijd wordt er steeds meer gebouwd op plekken waar dit vanuit wateroptiek beter niet zou kunnen gebeuren (bijvoorbeeld in diepe droogmakerijen)." Die zit!

In de herstructurering van oude bedrijventerreinen steekt de provincie veel geld en energie - dat is zeker een pluim waard - maar wij krijgen wel eens de indruk dat deze herstructureringsoperaties een alibi moeten vormen voor weer nieuwe terreinen met voorspelbare dozen.

Het én-én beleid - niet-kiezen dus - is ook goed te zien bij mobiliteit. Aan de ene kant is eindelijk de light-rail verbinding tussen Zoetermeer via Pijnacker naar Rotterdam in aanleg, aan de andere kant heeft de provincie zich wel erg uitgesloofd om de verlenging van de A4 door Midden-Delfland te realiseren. Marnix Norder is evenwel nog niet weg als gedeputeerde, of via de Haagsche Courant lekten resultaten uit van het onderzoek naar alternatieven, die een einde maken aan de scheve voorstelling van zaken die Norder altijd gaf (zie C9). Daarmee is die weg nog niet van de baan, zo naief zijn we niet, maar de kwade kansen zijn gekeerd.

Bij de behandeling van duurzame landbouw wordt terecht gesteld dat "daarvoor extensivering nodig is." Van nabij hebben we kunnen vaststellen dat het provinciaal bestuur zich met overgave heeft gewijd aan de realisering van het proefproject Boeren voor Natuur in de Polder van Biesland. Hier hebben we geen "maar ...", of het moest zijn dat in Zuid-Holland nog maar 2000 ha (1,2 %) door biologische boeren in gebruik is.

terug naar begin

Overzicht van de kwaliteit van het oppervlaktewater in Zuid-Holland

Evaluatie Nota Uitvoering Peilbeheer. Wonderlijk is dat de evaluatie van de Nota Uitvoering Peilbeheer (NUP) in deze Tussenbalans geen plaats heeft gekregen, vooral omdat er in het voorjaar van 2004 door Haskoning een evaluatie is opgesteld.. Deze NUP was er inderdaad eerder dan de BMW, maar vormt natuurlijk toch een belangrijk aspect van het provinciale bodem-, water- en landbouwbeleid.

Naar aanleiding van de provinciale nieuwsbrief Groen, water en milieu konden wij kennisnemen van de evaluatie van het provinciale peilbeheer sinds 1999, het jaar van de vaststelling van de Nota Uitvoering Peilbeheer. Er staan weinig malse conclusies in. Wat dacht u van deze?

Hiernaast is de organisatievorm van waterschappen niet gericht op het omgaan met integrale afwegingen. Dit is ook niet hoofddoelstelling van de waterschappen. Het is daarom ook zeer de vraag of het beleid zoals dat in de NUP voorgesteld wordt wel uitgevoerd kan worden door de huidige waterschapsorganisaties."staat er p. 48. Op p. 49 staat daarop de aanbeveling "Gebaseerd op de hierboven genoemde conclusies (cultuur, eigen verantwoordelijkheid waterschappen) verdient het voor de provincie de aanbeveling om bij voorkeur repressief om te gaan met peilbeheer.

Meer ...

terug naar begin

[C17] Polder van Biesland: pilot Boeren voor Natuur

De verdere voorbereiding van het proefproject van Boeren voor Natuur in de Polder van Biesland betrof vooral de deelname aan het benodigde fonds door regionale partijen en de uitwerking van een monitor.

Mede door het voorzitterschap van gedeputeerde Van der Sar kwam men in het bestuurlijk overleg (waarin provincie, stadgsgewest, waterschap en gemeenten) een heel eind. Maar niet ver genoeg. Begin december kwam er - zo leek het - een toezegging van het minsterie van landbouw dat het fondsbedrag dat men nog tekort kwam, ook wel door het ministerie van LNV zou worden gefourneerd. Later bleek dat toch weer niet het geval en is de Dir. Gen. door de minister teruggefloten.

Voor de monitor en de navolgende evaluatie is een tamelijk uitvoerige opzet gekozen. Bij een proefproject, een project dus waar de veehouderijsector, de wetenschap en de burgers en bestuurders van kunnen leren, is dat onvermijdelijk. Over de wezenlijk andere aanpak van de bedrijfsvoering, de gevolgen voor bodem, water en natuur en niet te vergeten de ervaringen van de burgers uit de omgeving moeten we naar 3 resp. 6 jaar conclusies kunnen trekken.

Wat de participatie van burgers betreft is - we kondigden het al eerder aan - de verschijning van een Vereniging Vrienden van Biesland een hoopvol teken. Breng eens een bezoek aan hun webstek en meldt u aan!

In de Midden-Delfkrant, orgaan van de Midden-Delflandvereniging, verscheen in het decembernummer een artikel over het wezen van de Bieslandse aanpak en de bruikbaarheid in de context van Midden-Delfland. De tekst staat ook hier.

[C23] Nootdorpse plassen

Na de geslaagde poging in 2003 om de gemeente Den Haag af te houden van het toekennen van een stedelijke bestemming aan de resterende smalle strook tussen de Nootdorpse Plassen en de nieuwe wijk Brasserhout, kwam in het voorjaar van 2004 de provincie met het plan om de rode contour ter plaatse op te schuiven. Achter de schermen en achterbaks hadden de gemeente en het projectbureau kennelijk met succes geprobeerd de provincie voor hun karretje te spannen. Mede op basis van de bijdragen tijdens een hoorzitting (25-8) oordeelde de provinciale staten dat dit wel wat ver ging, en zo leed niet alleen het dagelijks bestuur van de provincie, maar vooral ook het Haags gemeentebestuur hier een pijnlijke nederlaag. Zie hier voor de details.

terug naar begin

Losse berichten

Literatuuraanwinsten Initiatiefgroep in de periode juli-december 2004

[de complete lijst van de literatuur waarover de Initiatiefgroep de beschikking heeft staat ook op deze netplek]

  • De Delftse bodem in kaart, Hans van Meerten (Geodelft) en Epko J. Bult, Delft, Cultuurhistorisch Bulletin Delft, 2e kwartaal 2004 - Met Archeologisch-Geologische Kaart van de Gemeente Delft
  • Stadsplanten, veldgids voor de stad, Ton Denters, 2004
  • Tussenbalans 2004 - uitvoering Beleidsplan Milieu en Water + Samenvatting, provincie Zuid-Holland okt. 2004
  • Richtlijnen voor de Trajectnoita/MER A4 Delft-Schiedam (met antwoorden op adviezen en inspraakreacties), Min van Verkeer en waterstaat, juli 2004
  • State Space Modeling of Groundwater Fluctuations, Wilbert Berendrecht, dissertatie sep 2004
  • MIRA-T 2003 thema's, milieu- en natuurrapport Vlaanderen in zakformaat, Vlaamse milieumaatschappij 2004
  • LOK-film, LeefOmgevingsKwaliteit in Zuid-Holland, DVD (17 minuten), 2004
  • LOK, LeefOmgevingsKwaliteit in Zuid-Holland, verslag conferentie van 16 juni 2004
  • Begroting 2005 in een oogopslag, Hoogheemraadschap van Delfland
  • Projecten ABCDelfland, overzicht 2005
  • Watertoets voor natuur, lijst van aandachtspunten voor water en natuur in ruimtelijke plannen, milieufederaties en st. Natuur en Milieu, juli 2004
  • Jaarverslag 2003 Zuid-Hollandse Milieufederatie
  • Een Groen Netwerk, de groene aders van Delft, ecologieplan 2004-2005, Delft 2004
  • Eén jaar na het Nationaal Bestuursaccoord Water, een tussenbalans voor Midden-Holland en Zuid-Holland Zuid, sep 2004
  • Delfland op z'n b r e e d s t, meerjarig watersysteemonderzoek 1994-2002, Delfland 2004, bestand <Delflandopznbreedst.pdf> (4.3 Mb)
  • Groene Kaart van Rotterdam met omgeving, natuurgebieden, parken en tuinen met beschrijving en foto's, 1:2000, R'dam 2001
  • Bestemmingsplan TNO-Zuidpolder, toelichting en voorschriften, Delft, oktober 2004, bestand <tno-gebied,pdf>
  • Duurzaam natuurherstel voor behoud biodiversiteit, 15 jaar herstelmaatregelen in het kader van het overlevingsplan bos en natuur, Van Duinen e.a. (red.), verslag van een symposium, Radboud Universiteit Nijmegen en st Bargerveen, rapport EC-LNV nr 2004/395
  • De ecologie van de zandige kust van Nederland, Inventarisatie van het macrobenthos van strand en brandingszone, G.M. Janssen en S. Mulder, RWS-RIKZ 2004 Bestand <rikz2004.033.pdf>
  • De levende natuur als ecosysteemvormer in kustgebieden, De effecten van biologische activiteiten en materialen in de ecologie van de zandige kust. H. Peletier & G.M. Janssen. Bestand <RIKZ/2004.005.pdf>
  • Bestemmingsplan Harnaschpolder Delft Lookwatering-west en Voordijkshoorn - ontwerp , gemeente Delft september 2004. Bestand <Harnaschpolderontwerp.pdf>
  • Convenant Ruyven Zuid, 1 dec. 2004, zie http://www.datadelft.com/~ind/pametex.htm
  • Advies over de Nota Ruimte, rapport 041, VROM-raad okt. 2004. Bestand VROM_041.pdf
    "
    De raad acht de kans reëel aanwezig dat de bereikbaarheidsproblematiek en de problemen in de grote steden groter zullen worden, dat we onvoldoende anticiperen op de waterproblematiek en die daarmee op termijn nog moeilijker beheersbaar maken, dat het beleid voor de nationale landschappen en het overig landelijk gebied zo zwak is dat we geen vitaal en aantrekkelijk platteland krijgen, maar een verarmd en rommelig landelijk gebied." En "Al met al moet worden voorkomen dat de zorg voor de groene ruimte in verhouding tot de economische doelstelling in deze Nota doet denken aan Phileas Fogg, die zijn schip opstookte om op tijd aan te komen aan het eind van zijn reis om de wereld."
  • Ontwikkelingsplan Noordelijk TU-gebied, gemeente Delft, december 2004.
  • Nederlandse steden in internationaal, perspectief: profileren en verbinden, rapport 043, VROM-raad okt. 2004. Bestand VROM_043.pdf
  • Meerwaarde, Advies over de landbouw en het, landelijk gebied in Europees perspectief, Publicatie RLG 04/4, Raad voor het Landelijk Gebied, oktober 2004. Bestand rlg044.pdf
    Centrale boodschap van het advies
    1. Door de kwaliteiten van het landelijk gebied als uitgangspunt te hanteren voor plattelandsontwikkeling krijgt deze ontwikkeling een meerwaarde. Die meerwaarde vormt het kapitaal dat wij doorgeven aan komende generaties en waarmee Nederland zich Europees en internationaal gezien kan profileren; ook economisch gezien.
    2. Plattelandsontwikkeling is een proces dat plaatsvindt van onderop. Het is niet nodig om dat in Den Haag te bedenken. Het is echter wél nodig om daar ruimte voor en richting aan te geven. In Europa is dat al langer onderkend. Nu zal Den Haag dat ook moeten onderkennen en daar heldere en duidelijke kaders voor moeten creëren. Kaders die ruimte bieden aan wat er al vanuit de praktijk aan positieve ontwikkelingen gaande is.
    3. Landbouw zal zo goed mogelijk op de omgeving moeten worden geënt. Dat betekent zorg voor natuurlijke hulpbronnen, oog voor het cultureel erfgoed, voortbouwen op sociale verbanden en economische potenties benutten. Zo worden de waarden gekoesterd in plaats van geëxploiteerd.
  • Spoorzoeken naar de invloed van Nederlanders op de mondiale biodiversiteit, Model voor een ecologische voetafdruk, G.A. Rood, H.C. Wilting, D. Nagelhout, B.J.E. ten Brink, R.J. Leewis, D.S. Nijdam, RIVM rapport 500013005/2004 Bestand 50001300.pdf.
    De invloed van Nederlanders op de mondiale biodiversiteit is met de indicator bepaald. De ecologische claim van Nederlanders leidt tot een verlies van ruim 200.000 km2 natuur met volledige biodiversiteit op het land en ruim 5.000 km2 natuur met volledige biodiversiteit in oceanen.

terug naar begin


Laatste wijziging: 16 januari 2005, e-mail ind@datadelft.com