Eind augustus 2003 verscheen het boek Boeren voor Natuur in de Polder van Biesland. Het boek beschrijft een plan voor een combinatie van extensieve veehouderij en natuur- en landschapszorg. Onderstaand artikel uit Zuid-Hollands Landschap gaat er nader op in. Het boek zelf is helaas uitverkocht.

Links naar dit onderwerp:

Proefproject Boeren voor Natuur: De boer als landschapsbeheerder

[artikel uit Zuid-Hollands Landschap no. 2003/3 van de hand van Idde Lammers, journalist]

Begin dit jaar gaf minister Veerman varn LNV het groene licht aan twee proefprojecten Boereen voor Natuur. Boeren voor Natuur is een visie van het onderzoeksinstituut Alterra over de duurzame toekomst van de agrarische sector in Nederlarnd. Het betrekken van boeren bij het beheer van natuur een landschap neemt eern centrale plaats in. Eén proefproject loopt bij de melkveehouderij van de familie Duijndam in de Polder van Biesland tussen Delft en Pijnacker-Nootdorp. "Straks ben ik boer en landschapsbeheerder, " vertelt Jan Duijndam.

Op blote voeten komt hij over het erf aanwandelen. Spijkerbroek, vaalzwart t-shirt, gebruind gezicht. Zijn grote handen omvatten een met koeien bedrukte koffiemok. Het kan niet anders, dit moet Jan Duijndam zijn. We nemen plaats op de tuinstoelenset in de schaduw- van de boerderij. Marleen van den Top, onderzoekster bij Alterra schuift aan. "Prachtig hè, de openheid die je hier nog kunt ervaren," zegt Jan. "Noem mij een plek binnen de driehoek Delft - Den Haag - Pijnacker-Nootdorp waar je nog een paar kilometer over een authentiek veenweidelandschap kunt kijken. Geloof me, je vindt zo'n plek niet meer. Verstedelijking, glastuinbouw en bosaanplant hebben van de openheid in deze streek een zeldzaam goedje gemaakt." Jan Duijndam ziet zich dan ook als de ambassadeur van de uitgestrektheid. Jan: "Deze streek kenrnerkte zich vroeger door uitgestrekte veenweidegebieden met veel melkveebedrijven. Maar de afgelopen decennia hebben de koeien plaatsgemaakt voor huizen, kassen en recreatiegebieden met bossen. Samen met mijn vrouw Mieke zijn we tegen deze ontwikkelingen ingegaan. Wij vinden dat de melkveehouderij ook hier nog bestaansrecht heeft."

Bredere functie

Na jaren van voorbereiding kreeg de familie Duijndam in 1993 de mogelijkheid midden in de Polder van Biesland een heel nieuw melkveebedrijf te stichten. "We hebben deze mogelijkheid met beide handen aangegrepen," vertelt Jan. "Als beheerders van de laatste grote groen enclave voelden wij ons verantwoordelijk voor het handhaven, herstellen, aantrekkelijk en toegankelijk maken van deze waardevolle polder." Omdat Duijndam in zag dat zo'n geïsoleerd melkveebedrijf een bredere functie heeft dan alleen melk produceren, stapte hij in 1997 over op een volledig biologische bedrijfsvoering. En toen leerde hij de bevlogen Jacques Schievink van de Initiatiefgroep Natuurbeheer Delft kennen. Schievink zag allerhande mogelijkheden om de natuurwaarden in de Polder van Biesland en de Bieslandse Bovenpolder te vergroten. Jan Duijndam: "Samen met de Initiatiefgroep hebben we plannen gesmeed om natuurbeheer te verweven in de bedrijfsvoering. Van de gemeente Delft konden we voor een periode van 12 jaar grond pachten in de Bieslandse Bovenpolder." De afgelopen jaren zijn de plannen in daden omgezet. Inmiddels is de polder (achter de IKEA) een meer dan aantrekkelijk gebied voor koeien, wandelaars en weidevogels.

Veestapel bijna halveren

En nu wil de familie Duijndam niets liever dan de omvangrijke Polder van Biesland op vergelijkbare wijze inrichten. Maar hoe maak je die plannen concreet? En, minstens zo belangrijk, hoe zorg je voor financiering. Jan: "Van een journalist hoorde ik dat Alterra me wellicht verder kon helpen. Na één telefoontje was het direct raak. Alterra zocht voor het proefproject Boeren voor Natuur een boer die wilde omschakelen naar een natuurgericht melkveebedrijf. Dit betekent dat het bedrijf de aanvoer van veevoer en meststoffen geheel moet staken. Het bedrijf zal als gevolg daarvan extensiveren. De 130 melk- en vleeskoeien die momenteel op het bedrijf rondlopen zullen in aantal afnemen. Jan: "Ik schat zo in dat er in de toekomst nog ruimte is voor 80 koeien. We hebben roodbonte Montbeliardes. Die beesten hebben we aangeschaft en gefokt toen we overstapten op een biologische bedrijfsvoering. Dit Franse ras kan beter tegen ruwvoer."

Financiële zekerheid

Uiteraard heeft een reductie van het aantal koeien grote gevolgen voor het inkomen van de familie Duijndam. In de huidige praktijk zijn er voor boeren die meer aan natuurbeheer gaan doen subsidiemogelijkheden, maar volgens Jan Duijndam biedt dit op lange terrnijn geen uitkomst. "In deze tijd van bezuinigingen is een subsidie geen solide basis voor een bedrijf. Daarom ben ik zo enthousiast voor de manier waarop binnen de visie Boeren van Natuur het inkomen van de boer gewaarborgd wordt." Boeren voor Natuur gaat uit van een regionaal fonds waaruit een boer een jaarlijkse financiële bijdrage ontvangt. Alleen het rendement uit het fonds wordt uitgekeerd zodat er tot in lengte der jaren uit het fonds geput kan worden. Het enige probleem is dat het regionale fonds natuurlijk wel eenmalig volgestort moet worden. En wie gaat dat doen? Marleen van den Top van Alterra: "Het fonds zal volgestort moeten worden door een groot aantal partijen. Denk hierbij aan het Rijk, de provincie, gemeenten, waterschappen, private partijen en in een later stadium ook de Europese Unie. Het is eigenlijk niet meer dan logisch dat iedereen een bijdrage levert. Het behoud van de openheid van het veenweidegebied is ook een gezamenlijk belang. Daarnaast dragen boeren binnen Boeren voor Natuur bij aan het bereiken van doelen van andere partijen. Neem bijvoorbeeld het Hoogheemraadschap. Bij het beheren van natuurvriendelijke oevers, de verhoging van het polderpeil en vergroting van de waterbergende capaciteit in de polder, spint ook het Hoogheemraadschap garen." Voor de recreërende stedeling is het hartstikke leuk om zo dichtbij rietzangers,grutto's, patrijzen en lepelaars te zien. Om het proefproject op het bedrijf van de familie Duijndam daadwerkelijk van start te kunnen laten gaan zijn nog enkele tonnen nodig. Jan kan niet wachten tot het totaalbedrag van 2.250.000 'binnen' is. "We willen dolgraag beginnen maar kunnen geen grootschalige stappen zetten voordat we financiële zekerheid hebben." De helft van dat bedrag is al toegezegd door Minister Veerman, op voorwaarde dat partijen uit het gebied eveneens over de brug komen. De provincie Zuid-Holland denkt dat 'Boeren voor Natuur' inpasbaar en acceptabel is in de natuur- en landschapsplannen.

Slik en grazige stroken

Overigens worden toch al grote stappen voorwaarts gezet. Volgend jaar gaat het polderpeil omhoog en zullen de graslanden verder vernatten. Goed voor de natuurwaarden, slecht voor de omzet. Jan maakt zich er niet echt zorgen over. "Ik ben een grote optimist en sta voor de volle 100 procent achter Boeren voor Natuur. Die uitstraling moet partijen over de streep trekken." Jan durft dan ook al breeduit te verhalen over de toekomst van het hem omringende landschap. Sloten met natuurvriendelijke oevers, verbrede en uitgediepte dwarssloten een moerasbosrand met moeras-, en ruigtekruiden, een slikgebied, soortenrijke grazige stroken langs de akkers waar Jan graan voor zijn koeien gaat verbouwen en een extra wandelpad. Dat talloze planten- en diersoorten hiervan zullen profiteren spreekt bijna voor zich. De watersnip ruikt zijn kans in het natte hooiland, de veldleeuwerik en de patrijs zij in de wintergraanakkers te verwachten, rietgors en rietzanger zullen gaan broeden in de rietzomen, de verbrede sloten bieden voedsel aan lepelaars en tafeleenden. In de Bieslandse Bovenpolder zijn deze ontwikkelingen al in volle gang. En als het aan Jan Duijndam ligt volgt de Polder van Biesland zo spoedig mogelijk. "In de loop der jaren zal ik steeds minder boer en steeds meer landschapsbeheerder worden. Ik blijf wel op en top ondernemer. Als ik mijn enthousiasme hierover deel met andere boeren verklaren ze me soms voor gek. Maar ik zie het helemaal zitten."

De essentie van Boeren voor Natuur

De visie Boeren voor natuur richt zich op een duurzame invulling voor het landelijk gebied, door boeren een grotere rol te geven in het beheer van natuur en landschap. Er zijn in de visie drie bedrijfstypen onderscheiden: grootschalig, landschapsgericht en natuurgericht. Op het grootschalige bedrijf gelden van huidige regels voor de goede landbouwpraktijk. Er wordt op dit bedrijf met name geproduceerd voor de wereldmarkt. Op het landschapsgerichte bedrijf zijn de landschapselementen als houtwallen en drinkpoelen een belangrijke kwaliteitbepalende factor. Voor maximaal 10 procent van de bedrijfsoppervlakte kan de boer er een deel van zijn inkomen mee verdienen. Het natuurgerichte bedrijf gaat het verst: in aanvulling op de 10 procent landschapselementen kan 25 procent van het bedrijfsoppervlakte omgevormd worden tot natuur. De familie Duijndam heeft gekozen voor dit type bedrijf. Grootschalige landbouwbedrijven zullen vooral gesitueerd zijn in de uitgestrekte landbouwgebieden in Nederland. Natuurgerichte bedrijven zullen zoveel mogelijk aansluiten op bestaande natuurgebieden en langs de randen van steden. De landschapsgerichte bedrijven kunnen volgens Boeren voor Natuur de schakels tussen de twee andere bedrijfstypen vormen.

 Laatste wijziging: 26 september 2005, ind@datadelft.com