Beleidsplan Milieu en Water

commentaren van 12 maart 1998 en van 30 april 2000

Delft, 12 maart 1998

Commentaar op "De orientatie"

Hierbij zend ik u onze reactie op de vraagstellingen in De Oriëntatie. Wij tekenen er bij aan dat wij de brochure pas in de loop van februari onder ogen kregen. Hoewel wij sommige stukken van de provincie 'automatisch' in handen krijgen en er op (kunnen) reageren, is het geen uitzondering dat weer andere stukken volkomen voor ons verborgen blijven. Het is vreemd als (ongeveer een jaar geleden) de Toekomstverkenning milieu, water en natuur 2000-2010 wél wordt toegezonden, maar de De Oriëntatie weer niet. Iets soortgelijks speelt zich af rond het project Bruisend Water, waarbij leden van waterschapsbesturen niet betrokken worden. Wij worden daar erg moe van. 'De provincie ' is wel erg ver weg.

Onze reactie is dus wat laat, maar we rekenen er niettemin op dat er kennis van genomen wordt. We herhalen voor het gemak de vragen die u op de achterkant van de brochure (origineeel om de bladzijden niet te nummeren) en op de website stelt, daarna gaan we op de vragen in.

1. Welke onderwerpen moeten volgens u tot 2010 centraal staan in het beleid rond milieu en water in (delen van) Zuid-Holland?

2. Waarom heeft dit onderwerp volgens u prioriteit? Wat is uw argumentatie?

De prioriteitstelling van de vier bovengenoemde thema's komt voort uit observatie van wat er in en met onze omgeving aan de hand is. De feiten die in de Toekomstverkenning gepresenteerd worden, spelen bevestigen het beeld. De wijzers die met deze thema's verbonden zijn staan in grote meerderheid de verkeerde kant op. Op deze terreinen is het dus urgent om op de rem te trappen en het stuur om te gooien.

3. Wat is de bredere context van het onderwerp? Kunt u oorzaken aanwijzen of een samenhang aangeven met andere maatschappelijke onderwerpen en beleidsvelden? Welke visie zit hierachter?

Bij de milieuthema's die veelal centraal worden gesteld (de bekende VER-reeks: verdroging, verzuring, vermesting, versnippering) ontbreekt doorgaans een milieuplaag die wel zo goed beïnvloedbaar is: VERkeerde inrichting en beheer van zowel landelijk als stedelijk gebied. In de Vierde Nota Waterhuishouding staat het herstel van veerkrachtige watersystemen voorop. Het begrip (ecologische) veerkracht is o.i. een bruikbare metafoor om op kwesties van inrichting en beheer (niet alleen in het waterbeheer) los te laten. Het ecologische systeem is immers het hoofdsysteem, waarbinnen subsystemen als economie en cultuur zich afspelen. Als in de subsystemen onvoldoende rekening wordt gehouden met de eisen van het hoofdsysteem dan zijn de subsystemen evenmin in stand te houden. In het beheer van bestaande stedelijke en landelijke gebieden is het 'meeveren met de natuur' veelal nog ver te zoeken. Verouderde opvattingen over inrichting en beheer van oppervlaktewater, van parken, bermen en andere groene elementen en ook van vormgeving en materiaalkeuze van gebouwen versterken in het algemeen de problemen die ontstaan door de emissies van bedrijven, van het verkeer en van de huishoudens.Een radicaal andere visie hierop is nodig. We doelen hierbij ook op de contraproductieve inzichten die vanuit het domein van de landschapsarchitectuur aan ons opgedrongen worden: het (stads-)landschap als steriel ontwerp, niet als proces. En dat is, gegeven de muffe Zuid-Hollandse bestuurlijke cultuur, een grote opgave. De discussies en besluitvorming over de N470, de Groenblauwe Slinger, de HSL en de gewestvorming hebben nog eens geaccentueerd dat de provincie te weinig optreedt voor bovenlocale of bovenregionale belangen. Op het niveau van het stadsgewest Haaglanden is het beeld al niet verheffender.

4. a. Welke perspectieven ziet u? b. Wie kan welke rol spelen? c. Hoe ziet u uw bijdrage in het vervolg van het proces?

Initiatiefgroep Natuurbeheer in Delft


Reactie van de provincie? Men was beledigd . . .


Delft, 30 april 2000

Betreft: commentaar Beleidsplan Milieu en Water

Aan Gedeputeerde en Provinciale Staten van de Provincie Zuid-Holland

Geacht college,

Ondanks de fraaie typografie van het Ontwerp Beleidsplan Milieu en Water 2000-2004 was het lezen van de nota geen onverdeeld genoegen. Daarvoor blijft de nota toch te veel steken in beleidsjargon en te omzichtige conclusies.

We stellen ook vast dat met de suggesties die wij u op 12 maart 1998 toezonden, weinig is gedaan. We sturen die tekst daarom als bijlage met deze brief mee.

De keuze van de zes maatschappelijke thema's, die als kapstok voor het BMW dienen, is op zichzelf bruikbaar. De thematische benadering immers kan voorkomen dat de behandeling van de milieu- en waterkwesties ontaardt in sectorale beschouwingen waarbij de onderlinge afweging en afstemming achterwege blijft. We moeten onwillekeurig denken aan een provinciale nota Natuur en Landschap uit begin 90-er jaren, die als het er op aankwam aan andere belangen steeds ondergeschikt werd gemaakt.

Als in het volgende wordt verwezen naar een paginanummer, dan heeft dat betrekking op het Strategisch Deel.

1. Vitaal Stedelijk Gebied

Bij dit thema missen we de notie dat ruimte in het westen van Zuid-Holland mede een schaars goed is als gevolg van provinciaal beleid. De ontwikkeling van VINEX-lokaties en van binnenstedelijke lokaties heeft door gebrek aan provinciale regie een zodanige dynamiek gekregen, dat het zelfs het ministerie van VROM te gortig werd. In 1998 nog, toen wij er met u een correspondentie over hebben gehad, ontkende uw college dat hier van een probleem sprake was. Een bijsturing van een eenmaal ingeslagen weg is iets wat ons openbaar bestuur maar zelden opbrengt, en zo zijn nu VINEX-wijken in aanbouw in De Bras (Ypenburg-zuid) en Pijnacker-Zuid, die om redenen van waterberging en het Groenblauwe Slingerproject beslist hadden moeten worden afgeblazen. Want inderdaad (p. 21), ruimtelijke ordening is mede de basis voor duuraamheid.

Het plan (p.32) om regionale structuurvisies en kwaliteitsbeelden op te stellen, kan de provincie de middelen in handen spelen om een nieuwe, betere balans tussen lokale initiatieven en provinciale coördinatie te hervinden. Wij zouden dat toejuichen.

2. Bedrijvig Zuid-Holland

3. Mobiliteit en omgevingskwaliteit

Enquêtes onder de nieuwe bewoners van VINEX-lokaties wijst uit dat zij door de grotere afstand tot de werklokaties en voorzieningen tot meer autogebruik overgaan. Het bevestigt nog maar eens dat de investeringen in het openbaar vervoer eerder op gang moeten worden gebracht. Maar het bevestigt vooral dat het ontwikkelen van nieuwe woonlokaties de ongunstige mobiliteitsontwikkeling versterkt.

4. Water en Milieu in het landelijk gebied

De verzilting zal door toenemen door zeespiegelstijging en bodemdaling toenemen. Alvorens een wanhopig gevecht met de verzilting aan te gaan zou de agrarische economie zich langzamerhand - via onderzoek en marktontwikkeling - kunnen voorbereiden op productie van gewassen die juist op basis van deze verzilting tot ontwikkeling kunnen worden gebracht.

Inderdaad kan, zoals op p. 68 wordt gemeld, ook bij hogere gehalten aan voedingszouten het oppervlaktewater een biologisch gezonde levensgemeenschap herbergen. Maar een belangrijke voorwaarde daarvoor wordt wel eens vergeten: de structuur van het water. De morfologie van water en oevers en het beheer van water- en oevervegetaties stelt dan eisen waaraan moet worden voldaan wil er van iets waardevollers sprake zijn dan 'groene soep'.

Het stimuleren van biologische land- en tuinbouw (p. 75) - wat ons betreft in nauwe samenhang met agrarisch natuurbeheer dat verder gaat dan wat tot nu toe gebruikelijk is - juichen wij van harte toe. Dat de positieve effecten daarvan onder de aandacht zullen worden gebracht van natuur- en waterschappen is ook bemoedigend; maar is dat niet erg mager?

5. Grote Wateren

Noch bij 4. noch bij dit hoofdstuk hebben wij een visie aangetroffen over grote grondwateronttrekkingen en bodemdaling. Daarmee wordt een groot beleidsveld van de provincie in dit plan niet behandeld. In het toetsingsdeel wordt een Grondwaterbeheersplan 2000 in het vooruitzicht gesteld, maar wij vinden dit 'wegschuiven' weinig bevredigend. Het valt überhaupt op hoe weinig de lijnen van Bruisend Water zichtbaar worden doorgetrokken in dit BMW.

Met vriendelijke groeten, etc.


Laatste wijziging: 9 juni 2000, netplek Initiatiefgroep Natuurbeheer in Delft | ind@datadelft.com