|
Natuur en Milieu en Initiatiefgroep Natuurbeheer roepen de Delftse kiezers op: Zorg voor een afstraffing van de Delftse collegepartijen!N.B. In de linkerkolom staat het betoog. Rechts daarvan de samenvatting en illustraties. |
Samenvatting:
|
|
|
Bij het nadenken over de lijst waarop men zijn stem kan uitbrengen, kan men natuurlijk naar de verkiezingsprogramma's van de partijen kijken die aan de verkiezingen deelnemen. Staan daar beloften in die ons aanspreken? En vooral: zijn de problemen waarvoor Delft en zijn burgers staan, goed beschreven en zijn de aangedragen oplossingen geloofwaardig? Wij geven er de voorkeur aan vooral te kijken naar dat laatste, en wel aan de hand van wat het dagelijks bestuur van de gemeente Delft er de afgelopen 4 jaar van gemaakt heeft op het terrein dat ons na aan het hart ligt, natuur en milieu. En dat was niet best. Met dank aan de VVD, de PvdA, Groenlinks en Stip. Zij moesten maar eens wat anders gaan doen de komende vier jaar. |
De duurzame stad op zijn Delfts: |
|
De gemeente als vastgoedboerWat ook al onder het colleges die aan het huidige voorafgingen duidelijk werd, is de overheersing van de bouwprogramma's en het ziekelijke gedrijf om het inwonertal omhoog te krijgen. Zowat alles wordt daaraan ondergeschikt gemaakt. In de structuurvisie voor Delft, die in december helaas door de raad werd aangenomen (met alleen de tegenstemmen van SP en Leefbaar Delft), wordt dit sturen op kwantiteit weliswaar afgedaan als niet (meer) essentieel, maar in de gehele collegeperiode waren er bestemmingsplannen (zoals die voor TU-Noord en Voorhof Zuid-West) waarin een geharnast betoog voor 100.000 inwoners als een absolute voorwaarde voor een vitale stad werd gezien. Het terugkomen op die onzin oogt niet geloofwaardig. Bij een reeks van procedures tegen bouwplannen beklaagde de gemeente zich bovendien diverse malen heel opzichtig over het gebrek aan bouwlokaties in en om de stad. Dat is inderdaad heel vervelend als je tenminste de gemeentelijke financiën zo roekeloos afhankelijk maakt van de bouwstroom en dus van de grillen van de woningmarkt. In zijn rol van vastgoedmachine is de gemeente Delft volkomen los geraakt van zijn taken als lokale overheid. |
Citaten uit de
gemeentelijke verdediging Over bouwplan Abtswoude 42 "Wanneer men naar de doelstellingen van de ontwikkelingsvisie kijkt, ziet men dat de beperkte beschikbaarheid van woninglocaties één van de zwakke punten van Delft is. Met name wordt het krappe aanbod van geschikte woningen /woning bouwlocaties in het duurder segment genoemd. Met het onderhavige bouwplan wordt in deze behoefte voorzien." Over TU-noord: "Delft heeft niet de hoop, dat het dat tekort elders in de stad zodanig zal kunnen compenseren, dat het zich voor de "groennorm" zal kunnen meten met na-oorlogse tuinsteden. " |
|
|
Nauw hiermee hangt samen de rol van de Gemeente als aanjager van de schuldenberg en kredietcrisisBij een hele reeks gemeentebesturen (en bouwers) bestaat ten onrechte de opvatting dat de kredietcrisis iets is wat hen overkomen is, een crisis waar ze part noch deel aan hebben gehad. Bij gemeenten waar het bouwen heilig was, gaat die vlieger niet op. De gemeenten als Delft en Den Haag, beiden met hoge groeicijfers in de bol, hebben zich met hun financiële belangen in het net van bouwers, ontwikkelaars en banken en daarmee van opgeschroefde huizenprijzen en hypotheekschulden laten vangen. Zij speelden bij het tot stand komen van de huizenzeepbel juist een cruciale rol, zij hebben al die bouwprojecten doelbewust mogelijk gemaakt en doorgedrukt. Alleen dat is al een reden om de collegepartijen in Delft van het pluche te verjagen. Voor ons als natuur- en milieubeschermers is daarbij bepalend dat hun cynische politiek niet alleen in ruimtelijk en sociaal, maar ook in ecologisch en landschappelijk opzicht bijzonder schadelijk is geweest. |
Durf door te stromen naar Harnaschpolder. de Gemeente staat garant. Of hoe de gemeente de crisis bestrijdt met middelen waardoor de kredietcrisis is ontstaan. (PDF) |
|
De gemeente met verborgen agenda'sHet zo opzichtig en riskant innemen van posities in de grond- en woningmarkt heeft nog een andere grote schaduwzijde gehad. De burgers die op goede gronden moeite hadden met de plannen moesten niet alleen opboksen tegen de planologische inzichten van het gemeentebestuur, maar ook tegen de verborgen agenda van de financiële en vastgoedbelangen van de gemeente. Van de gemeente als hoeder van het algemeen belang en van helderheid van procedures blijft zo bitter weinig over. De gemeente staat niet meer boven de partijen, maar is partij geworden en is machtspolitiek gaan bedrijven. Voor de kwaliteit van het lokaal bestuur is dat buitengewoon bedenkelijk, en van de democratie blijft geen spaan heel. |
Wim Verbaan in het Tijdschrift voor Volkshuisvesting: "Het is merkwaardig dat een kernvraag nergens gesteld wordt ; namelijk de vraag hoe staan de gemeenten er eigenlijk voor ? Ik doel dan vooral op de grondexploitaties. We hebben een periode van uitbundige groei achter de rug. Groei van alles. De winsten van de ontwikkelaars, de beleggers, de vastgoedbeheerders,maar ook de gemeenten. Uiteindelijk werd dit allemaal gefinancierd door de burger die hopte van het ene huis naar het ( mooiere ) andere. Fiscaal aantrekkelijk. Het kon niet op. En zo stampten we , onder het motto van een structureel tekort, het ene ( vinex ) project na het andere uit de grond. Dit lijkt nu vvt, voltooid verleden tijd. De verveningschroef kon ik deze context groeien tot absurde bedragen. Grondkosten die hoger zijn dan bouwkosten waren geen zeldzaamheid. In de grondexploitaties kon er ook rustig worden geanticipeerd op te verwachten groei. De lasten nemen we maar vast , de baten komen later wel. Zo is het in veel grondexploitaties in de gemeenten gegaan. Merkwaardig dat hierover zo weinig wordt gezegd. Niet alleen staan de geldpersen van de gemeenten stil, in veel gevallen zal men ook moeten afboeken. Na vele jaren exploitatiewinst, nu ineens een verlies. (...) En zo kon de hypotheekschuld in Nederland per capita uitgroeien tot de hoogste in de wereld. Merkwaardig dat daar zo weinig over gesproken wordt." |
|
Gemeentelijk "groen"En zo is ook het gemeentelijk groen- en natuurbeleid - nota bene met een "groene" partij in het college - ondergeschikt gemaakt aan de vastgoedbelangen. Er gingen de afgelopen jaren nauwelijks weken voorbij of er stond wel weer een wethouder met een projectontwikkelaar aan de champagne te nippen. En tegelijkertijd stonden de gemeentepagina's stijf van de aanvragen voor het kappen van bomen. In het coalitieaccoord van 2006-2010 was een van de weinig punten die aan groen gewijd was, dat "de gemeente zich sterk (maakt) voor het behoud en het kwalitatief en kwantitatief verbeteren van groene ruimte en water in en om de stad.", een passage die nog aangevuld werd met "In alle bouwprojecten gebruikt Delft de beschikbare grond intensief, om extra ruimte te maken voor openbaar groen en ontmoetingsplekken voor jong en oud: voorwaarden voor een prettige stad." Zowel in de fysieke werkelijkheid als zelfs ook in schriftelijke stukken heeft het gemeentebestuur deze pretenties geen moment waargemaakt. Er sneuvelden in deze collegeperiode zo'n 3000 bomen in de stad, ruwweg 10% van het Delftse totaal. Tamelijk veel meer dan de schamele 500 bomen die de PvdA nu als groene schaamlap in het verkiezingsprogramma heeft staan. De kaalslag onder de vegetaties met struiken en ondergroei van kruiden, de zg. bosplantsoenen, waarvan zowat de hele wilde fauna in de stad afhankelijk is, is zo mogelijk nog groter geweest. Die kaalslag werd dan ook nog eens uitgelokt door smeekbedes aan de Delftse bevolking om vooral "enge plekken" te melden, dan konden de jongens met de motorzagen weer aan het werk. Wij vragen ons wel eens af of die enge plekken misschien niet in de hoofden van de bestuurders zitten. Een al in 2000 vastgesteld programma om in de periode 2001-2010 ter lengte van 46 km natuurvriendelijke oever aan te leggen is nog zeer ver af van realisatie. Niettegenstaande de beloofde "kwalitatieve en kwantitatieve verbetering" van de groene ruimte kwam het zittende gemeentebestuur in het najaar van 2006 al met een rekensommetje over de omvang van het binnenstedelijke Delftse groen. Dat bleek maar heel weinig te zijn in vergelijking met de meeste andere Hollandse steden, die overigens ook nog forse tekorten hebben. Maar daar was wel wat op te vinden. Niet de omvang, maar de kwaliteit zou opgevoerd worden. We weten nu wat ze daaronder verstaan. In het Poptapark, in de visie Openbare ruimte TU-Noord, in het Mekelpark (geen gemeente overigens) kan men het zien: steriele, eventueel golvende, kortgeschoren grasvelden naar Angelsaksisch model - 't lijkt wel een golfterrein -, doorsneden met kostbare natuurstenen paden, waar de verschijning van een zweefvlieg, vlinder of egel zo bijzonder is dat het wel in de krant mag. De oppositiepartij D'66, die in de afgelopen periode een voorstel indiende voor het "oppimpen" van parken, zal met deze steriele golfveldjes wel blij zijn, want ook zij hebben het niet zo begrepen op natuurlijke vegetaties. |
Kwaliteitsvisie TU-noord: "Jaffa en Botanische Tuin zijn "overdadig" groen." ... Met de beeldkwaliteitsvisie Openbare Ruimte TU-noord stelde het gemeentebestuur zich in oktober 2008 met groot enthousiasme (wethouder Koning was er buitengewoon trots op) op het standpunt van een groeninrichting en -beheer voor het TU-noordgebied waaruit elke notie van recreatieve en ecologische kwaliteit van het het groen was verdwenen. Een Angelsaksische en door Asterix & Obelisk reeds onsterfelijk gemaakte parodie van het steriele gazon speelt in dat plan de hoofdrol. De Bomennota en Ecologieplan 2004-2015, die de burger zijn voorgehouden als bescherming van het stedelijk groen, de kwaliteit van de woonomgeving en van het ecologisch functioneren, blijken het startsein te zijn geweest van kaalslag en natuuraantasting (m.n. in de vorm van het opruimen van struwelen en natuurvijandig beheer van bermen en oevers) op ongekende schaal. |
|
Gemeente als PR-machineHet gemeentebestuur vond het nodig om al die vastgoedplannen, de structuurvisie, de visie openbare ruimte, het duurzaamheidsplan te bedelven onder gewiekste reclametaal, waarbij holle pretenties over duurzaamheid, innovatie, groene stad, het Delft-op-de-kaart-zetten de boventoon voerden. Het is de gebakken lucht van de stadsmarketing, waarvoor er in Delft zelfs een wethouder is. Och arme. De grote nadruk op nieuwbouw en de sloop aan sociale woningen is natuurlijk helemaal niet duurzaam, en al helemaal niet innovatief. De milieubelasting van nieuwbouw is juist enorm groot, en gaat vrijwel altijd ten koste van veel groen. Dat met dit onthutsende beleid Delft op de kaart wordt gezet en prestige verwerft? Het is niet te hopen. Het besturen van de stad moet gericht zijn op de bewoners van de gemeente, op de kwaliteit van de leefomgeving. Het uittrekken van veel geld voor stadsmarketing en de financiering van prestigeprojecten (w.o. bijvoorbeeld het subsidiëren van de multinational DSM) is vragen om moeilijkheden. |
"Op een zeer breed deel van duurzaamheidskwesties worden benchmark studies uitgevoerd. Delft heeft de ambitie om op de relevante thema's in ieder geval tot de top 30 van Nederlandse gemeenten te horen en op de speerpunten in de top 10 te zitten." Ineens zijn die internationale ambities verdwenen, trouwens. |
|
De burgemeesterBij de gemeenteraadsverkiezingen gaat het niet over de burgemeester. Toch is hij partij. Wij kunnen ons nl. niet aan de indruk onttrekken dat burgemeester Verkerk vooral burgemeester van Delft is geworden om portefeuillehouder Ruimtelijke Ordening van het stadsgewest Haaglanden te kunnen zijn. Vanuit die positie speelt hij een belangrijke rol in het overleg met provincie en Rijk in het Zuidvleugelplatform. Daar is hij bijzonder actief als het gaat om het bepalen van de programma's voor woningbouw en bedrijventerreinen. Een ideale omgeving om zijn VVD-stokpaardjes (liberale recepten waar sedert het uitbreken van de kredietcrisis haast geen VVD-er meer mee voor de dag durft te komen) te berijden en de volgzaamheid van andere bestuurders te bevorderen. En om populair te blijven bij bouwers en bankiers. Hij moet dan ook medeverantwoordelijk worden gehouden voor de recente verrommeling van het landschap tussen Pijnacker en Rotterdam (waar ook de recreërende Delftenaar weer mooi klaar mee is), voor het verlies van ecologisch groen in de Zuid-Hollandse steden en de ongefundeerde en riskante groeiambities van gemeentebesturen in deze regio. Verkerk kan dus maar beter vertrekken. Een goede nieuwe gemeenteraad van Delft, zonder de huidige collegepartijen dus, krijgt dat wel voor elkaar.
Delft, 25 februari 2010 |
Haaglands kolonialisme in het Regionaal Structuurplan Haaglanden: "Geen
concurrerende woningbouw in de Zuidplaspolder En over zijn geloof dat bouwen rijk maakt: "De programma's in dit plan )RSP Haaglanden) kunnen naar schatting zorgen voor een toename van de jaarlijkse economische groei met 1 procentpunt boven het meerjarig gemiddelde. Dit betekent een jaarlijkse groei die oploopt tot een regionaal product van 54 miljard euro in 2030, in plaats van 44 miljard zonder dit beleid. De extra welvaartsgroei per jaar loopt op tot 9500 euro per inwoner in 2030. In deze bedragen zijn de moeilijker in geld uit te drukken maatschappelijke baten nog niet meegerekend." De kredietcrisis heeft met deze sommetjes wel heel drastisch korte metten gemaakt. "De complementaire bijdrage van Haaglanden aan de internationale concurrentiepositie draagt er aan bij dat de Randstad tot de top vijf van Europese stedelijke regio's gaat horen." |